Door een verkeerde focus zijn investeringen in inclusie voor de bühne

We hebben onze mond er vol van: ‘We moeten inclusiever zijn. Diversiteit is superbelangrijk!’ “Maar het is een groot praatcircus”, neemt Jacques de Wit geen blad voor de mond. Hij zag bijvoorbeeld diverse verzoeken om met Steffie deel te nemen aan financiering voor inclusief ontwerp van rijkscultuurfondsen afgewezen worden. “Wij hebben onvoldoende artistieke inhoud. Dus eigenlijk gaat het helemaal niet om inclusie, maar om mooie ontwerpen. Waar gaan die miljoenen die we voor inclusieve dienstverlening vrijmaken dan heen?”. Het is een symptoom van een groter probleem, zo ook met de verkiezingen. “We praten veel, maar doen te weinig.”

Jacques is een doorgewinterde ondernemer die al een tijdje meeloopt in overheidsland. Hij zet zich in voor de kwetsbare Nederlander. Dat doet hij ook met Steffie. Dat platform probeert het complexe doolhof van de overheid begrijpelijk te maken. Nederlanders die worstelen met de dienstverlening van de overheid kunnen hier terecht voor hulp.

We focussen op de verkeerde dingen

Jacques staat dus dicht bij de Nederlanders die niet vanzelf mee kunnen komen. Hij ziet met eigen ogen waar verschillende groepen mee worstelen. Maar veel beleidsmakers en politici zien dat niet, terwijl er wel veel geld voor inclusie wordt vrijgemaakt. “De wil is er dus wel om inclusiever te worden. Maar de overheid zit te vast in haar eigen bubbel. Dus gaat het geld snel naar de verkeerde dingen. Ze heeft namelijk geen idee wat er echt nodig is.”

Dat komt voor een deel omdat er niet altijd duidelijk is wat we met inclusie bedoelen. “Inclusie wordt vaak gezien als een weerspiegeling van de samenleving binnen groepen. En dat is ook belangrijk. Maar de mensen met een niet-zichtbare ‘beperking’ pissen naast de pot. De overheid kent die mensen vaak niet goed genoeg. En dus gaat het geld al snel naar de ‘usual suspects’; grote partijen die veel praten, maar weinig binding hebben met de doelgroep”, is Jacques duidelijk.

En dus gaat het geld ook naar de verkeerde dingen…

Dat is niet zonder gevolgen. “Zo hebben we voor Hoewerktstemmen.nl dat wij ontwikkelen dit jaar geen financiering. Terwijl we een half miljoen mensen bij de vorige landelijke verkiezingen hebben geholpen om tot een goede keuze te komen bij het stemmen. Met dat soort resultaten vind ik het idioot dat we het budget niet rond krijgen. Gelukkig konden we een paar jaar geleden een goede basis leggen voor het platform, met hulp van het SIDN Fonds. Die vonden het blijkbaar een nuttige tool.”

Jacques benadrukt dat hij geen pleidooi of smeekbede doet voor zijn initiatieven. Zijn eigen ervaring is slechts een voorbeeld van investeren in de verkeerde dingen. “Er zijn tal van kleine sociale ondernemingen die met de juiste dingen bezig zijn, maar die vechten voor hun bestaansrecht. En in de tussentijd blijven we geld pompen in nieuwe technologieën om gebreken in het systeem op te lossen. Maar daarmee maak je de wereld voor onze doelgroepen vaak alleen maar ingewikkelder. Daar moeten we mee stoppen!”

Schrijnend is het helemaal als de overheid ziet waar het in moet investeren, maar niet rondkijkt of er al een lopend initiatief is. “DigiHandig van het ministerie van Binnenlandse Zaken leert bijvoorbeeld mensen omgaan met een smartphone. Maar wij en andere sociale initiatieven bieden die hulp ook al! Dus goed dat de overheid erin investeert, maar investeer dan in al lopende initiatieven. Kijk verder dan je neus lang is. Introduceer in dit geval niet een app om te leren omgaan met apps”, zegt Jacques met gevoel voor ironie.

Een enorme kloof

“Een ander probleem is dat zo’n app niet gebruikt wordt, want de app is van de overheid. Het vertrouwen in de overheid is op een absoluut dieptepunt.” De rol van de intermediair (een bemiddelaar of tussenpartij), zoals Steffie, is dus belangrijker dan ooit wat Jacques betreft. Meer en meer is er behoefte aan een grotere rol voor de partijen die al met de juiste dingen bezig zijn én dichter bij de inwoners staan. “En dat moeten we samen doen. De kloof tussen de samenleving en de overheid is groot. En initiatiefnemers die de doelgroep wél kennen, kunnen de overheid helpen. Dan moeten die wel gezien en gehoord worden.”

Want ook gehoord worden lukt niet zomaar. “De organisatie van de Dutch Design Week was bijvoorbeeld bekend met Steffie. En inclusief ontwerp stond hoog op de agenda tijdens de week. Maar toch mochten we in eerste instantie niet deelnemen. Inclusie is namelijk geen creatief, artistiek onderwerp. Dat bedoel ik met praatclubjes. De overheid tuigt zo’n week op, pompt er veel geld in, en overlegt continu over het belang van inclusie. Maar wanneer het er echt op aankomt, maakt ze niet de juiste keuzes. Die investeringen zijn dan voor de bühne.”

Leunen op wat er al beschikbaar is

Dat terwijl de hulp van intermediairs keihard nodig is in een veranderende maatschappij. “De bevolking verandert in een rap tempo. Vergrijzing verandert bijvoorbeeld de arbeidsmarkt. En meer arbeidsmigranten creëren een nog meer multicultureel volk dat in veel gevallen ook andere talen spreekt. Er is wat voor nodig om die allemaal te helpen. Terwijl we de huidige burgers nog niet eens goed genoeg kennen. Toegankelijke communicatie en diensten zijn essentieel. Voel de mensen voor wie je beleid maakt. Dicht de kloof!”

En besef dat ook jij tegen een muur aan kunt lopen. Jacques: “Ik kom er ook niet altijd uit.” Iets dat ook Wolfgang Ebbers recent deelde. En juist de mensen die het meeste worstelen met de overheid, hebben ook het meeste met haar te maken. “Het nieuwe kabinet moet echt de mouwen opstropen. Maar deze keer echt.”

Meer over Inclusie en digitale toegankelijkheid